Leefbaarheid centraal in plannen voor de komende vier jaar
Woningen bouwen, voorzieningen in kernen en wijken op peil houden, ondersteuning dichtbij inwoners organiseren en ruimte bieden aan ondernemers en het buitengebied. Het zijn onderwerpen waar het college de komende vier jaar aan wil werken. In het concept-Collegeuitvoeringsprogramma 2026-2030 staat hoe het college van burgemeester en wethouders verder werkt aan de koers uit het coalitieakkoord ‘Daadkrachtig, Verbindend en Dichtbij’.
Leefbaarheid staat daarbij centraal. De nadruk ligt op sterke kernen, wijken en buurtschappen, ruimte voor ontwikkeling en de basis op orde. Wonen, voorzieningen, bereikbaarheid en ondersteuning hangen met elkaar samen. Daarom kijkt het college niet alleen naar losse plannen. Het kijkt ook naar wat een kern, wijk of buurtschap als geheel nodig heeft. Zo wil het college keuzes maken die ook op langere termijn bijdragen aan de leefbaarheid.
Wonen en voorzieningen in samenhang
In de hele gemeente wil het college ruimte bieden aan woningbouw die past bij de behoefte en bijdraagt aan de leefbaarheid van een kern, wijk of buurtschap. Ook kleinschalige initiatieven zijn daarbij belangrijk. Daarom worden Marle, Egede, Hancate, Eelen en Rhaan en Hulsen toegevoegd aan de Routekaart Versnelling Woningbouw naar 1.000 woningen. Woningbouw vraagt ook om vooruitkijken. Van het zoeken naar een geschikte plek tot de bouw van woningen kunnen jaren verstrijken. Daarom kijkt het college niet alleen naar deze bestuursperiode, maar ook naar de ruimte die op langere termijn nodig is.
Ook voorzieningen zijn belangrijk voor de leefbaarheid. In Haarle onderzoekt het college bijvoorbeeld of de bibliotheek een plek kan krijgen in een andere maatschappelijke accommodatie. Het college werkt aan een plan voor een multifunctionele accommodatie (MFA) in Daarle. In Nijverdal komen wonen, voorzieningen, ontmoeting en cultuur samen in het Masterplan Centrum.
Meedoen en ondersteuning dichtbij
Leefbaarheid gaat ook over een samenleving waarin inwoners kunnen meedoen en zich kunnen ontwikkelen. Het college wil problemen waar mogelijk vroeg voorkomen en ondersteuning zo dichtbij mogelijk organiseren. Noaberschap, vrijwilligerswerk, mantelzorg en ontmoeting spelen daarbij een belangrijke rol. Ook initiatieven die zorg en ondersteuning dichter bij inwoners brengen, krijgen waar mogelijk ruimte.
Perspectief voor buitengebied en ruimte voor ontwikkeling
Het buitengebied is belangrijk voor wonen, ondernemen, landbouw, natuur en recreatie. Er moet ruimte zijn voor ontwikkeling, met behoud van wat het gebied waardevol maakt. Perspectief voor de landbouw speelt daarbij een belangrijke rol. Samen met boeren en andere betrokkenen wordt gekeken naar wat mogelijk is. Het college ziet bijvoorbeeld kansen voor agrarische collectieven. Daarin kan toekomstbestendig boeren samengaan met agrarisch natuurbeheer en vrijwillige ruilverkaveling. Ook recreatie kan bijdragen aan een vitaal buitengebied, zolang die past bij de schaal en het karakter van de omgeving. Het Omgevingsprogramma Vitaal Buitengebied moet daarbij samenhang brengen en richting geven aan toekomstige keuzes.
Voor de inwoners van Daarlerveen die te maken hebben met de problemen rond het Kanaal Almelo-De Haandrik blijft aandacht. Het college blijft voor hun belangen opkomen.
Nieuwe woningen en bedrijven vragen om goede bereikbaarheid en voldoende energie en water. In Hellendoorn wordt bijvoorbeeld de verbinding tussen het centrum en Hellendoorn-Noord onderzocht. Ook wordt gekeken of er extra fietspaden in het buitengebied kunnen komen. Daarmee wil de gemeente het verkeer veiliger maken en fietsen stimuleren.
Tegelijk moeten nieuwe ontwikkelingen passen bij de leefomgeving. Een sterke lokale economie hoort daarbij. Daarom blijft de gemeente in contact met ondernemers over wat zij nodig hebben om zich te kunnen ontwikkelen.
Een sterke basis
Nieuwe plannen kunnen alleen worden uitgevoerd als de basis op orde is. De komende jaren moeten onder meer wegen, riolering en gemeentelijke voorzieningen worden onderhouden en vervangen. Het college wil beter in beeld brengen wat wanneer nodig is en wat dat structureel kost. Ook verdere digitalisering, goede dienstverlening en een gemeente die organisatorisch en financieel sterk staat, horen bij die basis.
Koers voor vier jaar, ruimte om bij te sturen
Het Collegeuitvoeringsprogramma geeft richting tot en met 2030. Ontwikkelingen zoals netcongestie, stikstof, beschikbare mensen en financiële ruimte kunnen invloed hebben op het tempo en de uitvoering. Als dat nodig is, stelt het college prioriteiten of de aanpak bij.
Concept-Collegeuitvoeringsprogramma en begroting 2027
27 oktober
Het concept-Collegeuitvoeringsprogramma wordt voorafgaand aan de behandeling van de programmabegroting 2027 besproken tijdens de debatronde van de gemeenteraad op 27 oktober. De raad krijgt zo de gelegenheid om vragen te stellen en aandachtspunten mee te geven aan het college.
10 november
Op 10 november behandelt de gemeenteraad de programmabegroting 2027. Hierin staan de financiële keuzes voor het komende jaar. Ook het raadsvoorstel over het concept-Collegeuitvoeringsprogramma wordt behandeld op 10 november.
Na deze vergaderingen beoordeelt het college de inbreng van de gemeenteraad en stelt het vervolgens de definitieve versie van het Collegeuitvoeringsprogramma vast. Voor plannen waarvoor extra geld of een afzonderlijk besluit van de gemeenteraad nodig is, volgt later een apart voorstel.
De debatronde van 27 oktober begint om 20.15 uur en de vergadering van 10 november om 9.00 uur. Beide vergaderingen vinden plaats in de raadzaal van het Huis voor Cultuur en Bestuur en zijn ook live te volgen via hellendoorn.raadsinformatie.nl.